De Europese Commissie gaat op korte termijn de btw-reisbureauregeling evalueren. In Europees verband is namelijk de vraag gerezen, of de reisbureauregeling anno 2019 nog wel adequaat is.

Modernisatie

Ten eerste is de reisbranche sterk gemoderniseerd sinds de implementatie van de reisbureauregeling, 40 jaar geleden. Het aanbod van reizen en de manier van samenstelling daarvan zijn – nu we in het digitale tijdperk zijn aangeland – complexer dan destijds het geval was.

Ongelijkheid

Daarnaast leidt de reisbureauregeling tot ongelijkheid. Dat geldt voor lidstaten onderling, omdat veel lidstaten in lokale wet- en regelgeving hebben vastgelegd hoe de reisbureauregeling op specifieke punten uitwerkt. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de reikwijdte van de regeling, berekeningsmethoden om de winstmarge vast te stellen, of de wijze waarop wordt omgegaan met reizen die worden georganiseerd voor andere ondernemers (bijvoorbeeld conferenties).

Maar er is ook sprak van ongelijkheid tussen EU reisbureaus en reisbureaus buiten de EU, omdat de reisbureauregeling alleen reisbureaus ‘treft’ die in de EU gevestigd zijn.

Is de reisbureauregeling anno 2019 nog wel adequaat?

De reisbureauregeling geldt voor ondernemers die één of meer onderdelen van een reis inkopen bij andere ondernemers, de reis samenstellen en deze vervolgens op eigen naam verkopen aan reizigers. De btw-behandeling impliceert dat het reisbureau uitsluitend btw verschuldigd is over de winstmarge op reizen, maar dat er vervolgens geen recht op aftrek/teruggaaf bestaat van de aan het reisbureau berekende btw (op reisdiensten).

Mogelijk zal de evaluatie door de Europese Commissie op den duur leiden tot aanpassing van de reisbureauregeling. De Europese Commissie streeft ernaar, de evaluatie in de eerste helft van 2020 af te ronden.